
Nucleaire Geneeskunde
| Index |
|
|
Gebruik van radionucliden bestemd voor de in vivo of in vitro diagnose of voor de therapie in het kader van de nucleaire geneeskunde (art. 53.4)
Radionucliden bestemd voor medische doeleinden in het kader van de nucleaire geneeskunde mogen alleen worden gebruikt door houders van het wettelijk diploma van doctor in de genees-, heel- en verloskunde of de academische graad van arts en die hiervoor vergund zijn door het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle.
Vergunningen destijds afgeleverd door het Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu blijven gelden.
De vergunning wordt enkel verleend aan geneesheren-specialisten die een diploma, een getuigschrift of een attest kunnen voorleggen waaruit blijkt dat zij een opleiding van universitair niveau hebben gevolgd die minstens 120 uren theorie en 80 uren praktijk omvat en is afgestemd op de kernfysica, de methodes voor het meten van stralingen, de radiochemie, de stralingsbescherming, de wetgeving inzake stralingsbescherming, de radiotoxicologie, de radiobiologie en de radiofarmacie, en dat zij hierover met succes een kenniscontrole hebben ondergaan.
Het Agentschap kan het verlenen van de vergunning afhankelijk maken van de naleving van voorwaarden die oa. betrekking hebben op de voorwaarden voor de hospitalisatie en voor het ontslaan uit het ziekenhuis van patiënten die met radionucliden werden behandeld en eveneens op de voorwaarden inzake de ambulante behandeling van deze patiënten.
Geneesheer-specialisten in de nucleaire geneeskunde die gebruik maken van radionucliden voor medische doeleinden en die hiervoor nog geen vergunning bezitten, dienen een schriftelijke aanvraag in te dienen bij de dienst “Bescherming van de Gezondheid” van het departement “Gezondheid en Leefmilieu” van het FANC.
De vergunningsaanvraag dient alle inlichtingen en documenten te bevatten die door het FANC worden vereist. Een overzicht van deze inlichtingen en documenten kan teruggevonden worden in het inlichtingenformulier voor de aanvrager van een vergunning voor het gebruik van radionucliden in het kader van de nucleaire geneeskunde
.
De bekwaamheid van de aanvrager op het gebied van de stralingsbescherming en aanverwante disciplines, maakt het voorwerp uit van een advies van de Medische Jury ingesteld bij art. 54.9.
Vergunningsaanvragen voor het gebruik van radionucliden bestemd voor de vivo en in vitro diagnose en de ambulante metabole therapie die ingediend worden tijdens het jaar dat volgt op de ministeriële erkenning als geneesheer-specialist in de nucleaire geneeskunde, dienen niet voor advies voorgelegd te worden aan de Medische Jury, maar kunnen bij generiek advies door het Agentschap worden behandeld.
Vergunningsaanvragen met betrekking tot het gebruik van radionucliden bestemd voor de metabole therapie waarvoor hospitalisatie vereist is, dienen steeds voor advies te worden voorgelegd aan de Medische Jury.
Vergunde geneesheer-specialisten in de nucleaire geneeskunde zijn ertoe gehouden hun kennis en bekwaamheid op het gebied van de stralingsbescherming op peil te houden en te vervolmaken, in het kader van een permanente vorming op universitair niveau.
Helpers (art. 53.2)
Radionucliden voor medische doeleinden mogen gebruikt worden door verple(e)g(st)ers, paramedici en gelijkgestelden, doch alleen volgens de instructies en onder de werkelijke controle en verantwoordelijkheid van geneesheer-specialisten in de nucleaire geneeskunde die in het bezit zijn van een vergunning voor het gebruik van radionucliden in het kader van de nucleaire geneeskunde.
De exploitant van de inrichting ziet erop toe dat deze zogenaamde “help(st)ers” een opleiding hebben genoten die overeenstemt met hun beroepsbezigheden en een permanente vorming in de betrokken materie genieten. Verdere details over deze minimale opleiding zijn beschreven in artikel 53.2 van het ARBIS. Meer ...
Deze vereiste doet geen afbreuk aan de andere bepalingen van de Geneeskundepraktijk met betrekking tot het statuut van de technologen medische beeldvorming, de verpleegkundigen evenals met betrekking tot de gedelegeerde handelingen. Onafhankelijk van deze opleiding organiseert de exploitant eveneens de informatie van de werknemers die mogelijkerwijze aan ioniserende stralingen kunnen worden blootgesteld, en dit vóór hun aanstelling op hun arbeidsplaats.
Klik hier voor een toelichting bij de toepassing van art. 53.2 van het ARBIS betreffende de bijkomende opleiding in de stralingsbescherming voor "helpers".
Deskundige in de medische stralingsfysica (art. 51.7)
De exploitant van een inrichting met installaties voor nucleaire geneeskunde, moet zich laten bijstaan door een erkend deskundige in de medische stralingsfysica voor de organisatie en de toepassing van de maatregelen die nodig zijn om te stralingsbescherming van de patiënt en de kwaliteitsbeheersing van de apparatuur te verzekeren.
De contactgegevens van de erkende deskundigen in de medische stralingsfysica kunnen worden teruggevonden in de Lijst Nucleaire Geneeskunde. Meer ...
Bij standaard therapeutische nucleair-geneeskundige handelingen en bij diagnostische nucleair-geneeskundige handelingen, moet er een deskundige in de medische stralingsfysica, bekwaam in de betrokken materie, beschikbaar zijn.
Het is noodzakelijk dat de erkende deskundige in de medische stralingsfysica van de exploitant van de medische inrichting de nodige middelen krijgt om:
- zijn taken naar behoren en met de vereiste kwaliteit uit te voeren;
- zijn ervaring te delen met collega's deskundigen;
- zijn kennis en bekwaamheid op peil te houden en te vervolmaken in het kader van een permanente vorming op universitair niveau.
Met betrekking tot de kwaliteitscontrole van hybride technologieën, luidt het advies van de Medische Jury (zitting van 13/12/2007):
“Hybride camera's (SPECT/CT en PET/CT) dienen ofwel gecontroleerd te worden door zowel een erkend deskundige in de medische stralingsfysica in de nucleaire geneeskunde als een erkend deskundige in de medische stralingsfysica in de radiologie, ofwel dient de erkende deskundige in de nucleaire geneeskunde zich bij te scholen op het vlak van radiologie.”
De erkenningen met betrekking tot het bevoegdheidsdomein nucleaire geneeskunde kunnen uitgebreid worden voor wat betreft het aspect “CT” mits specifieke opleiding. Meer informatie over deze opleiding, evenals informatie over de deskundigen in de medische stralingsfysica kunt u vinden via de webpagina ‘medische stralingsfysica'.
Instructies en informatie voor de patiënt die een behandeling of een diagnose door middel van radionucliden ondergaat (art. 51.2.4)
In het geval een patiënt een behandeling of een diagnose door middel van radionucliden ondergaat, moet de arts die de medische verantwoordelijkheid voor de blootstelling draagt, aan de patiënt of diens wettelijke voogd schriftelijke instructies overhandigen om, voor de personen die rechtstreeks of onrechtstreekse met de patiënt in contact komen, de doses en de besmetting zo laag te houden als redelijkerwijze mogelijk is. Ook moet hij objectieve en begrijpelijke informatie verstrekken over de risico's van ioniserende stralingen.
De instructies worden door de arts verstrekt vóór dat de patiënt het ziekenhuis of de kliniek of elk andere gelijksoortige instelling verlaat. Meer ...
In het geval een patiënt een behandeling door middel van radionucliden ondergaat, dient de inhoud van de instructies rekening te houden met volgende aanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad: “Aanbevelingen inzake therapie door middel van radionucliden onder niet-ingekapselde vorm”
Tekort aan Technetium-99m (Tc-99m)
Technetium-99m is een radioisotoop dat – gekoppeld aan een dragermolecule –gebruikt wordt in de nucleaire geneeskunde voor de diagnose van vele ziektes. Dit Tc-99m wordt ter beschikking gesteld van de diensten nucleaire geneeskunde onder de vorm van een [Mo-99]-[Tc-99m]-generator. Dit molybdeen-99 wordt wereldwijd geproduceerd in slecht een beperkt aantal reactoren en opgezuiverd in een beperkt aantal zuiveringsinstallaties.
De laatste jaren zijn verschillende reactoren en zuiveringsinstallaties tijdelijk stilgelegd als gevolg van gepland onderhoud of technische problemen. Dit had telkens tijdelijke tekorten aan [Mo-99]-[Tc-99m]-generatoren en dus Tc-99m voor gevolg.
Voor een laatste stand van zaken, wijzen wij u graag door naar onderstaande website.
http://www.fagg-afmps.be/nl/news/news_technetium.jsp
Bepaling van referentieniveaus
Een manier om de dosis van de patiënt te optimaliseren in de nucleaire geneeskunde, is via de bepaling van referentieniveaus onder de vorm van toegediende activiteit aan radiofarmaca voor een standaard patiënt. Klik ‘hier' voor meer informatie over de DRL survey die momenteel wordt uitgevoerd door het FANC, in samenwerking met BelNuc en BVZF.
Image Gently – beeldvorming van kinderen
In 2008 lanceerde de alliantie voor stralingsbescherming in pediatrische beeldvorming de Image Gently Campaign. Met dit initiatief trachtte zij de actoren binnen de pediatrische beeldvorming te sensibiliseren over het belang van stralingsdoses bij de beeldvorming van kinderen. Ook het FANC tracht haar volle steun te geven voor initiatieven zoals deze. Op 9 februari 2011 is het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle dan ook toegetreden tot de Alliance for Radiation Safety in Pediatric Imaging, en helpt ze mee om de informatie tot bij de Belgische eindgebruikers te krijgen. Zo worden diverse brochures vertaald en zal men in ons land de diverse actoren binnen de pediatrische radiologie trachten te sensibiliseren over het belang van de stralingsbescherming van kinderen.
| Documenten |
| Laatste update |
|---|
| 11/01/2012 - 15:38 |

Terug naar boven
