Radiologie
Het FANC organiseerde een Ronde Tafel
"De geneesheer-specialist en het gebruik van hoge dosis röntgenstraling"
op 1 oktober 2011 voor alle betrokken stakeholders.
Klik hier voor presentaties van deze Ronde Tafel.
Verslagen van de vergaderingen van de werkgroepen van deze Ronde Tafel
| Working group | First meeting | Second meeting |
|---|---|---|
| WG I : Education & Awareness | 29/11/2011 Report Annex |
18/01/2012 Report |
| WG II : Radiation protection of the worker | 30/11/2011 Report Annex |
|
| WG III : Radiation protection of the patiënt | 07/12/2012 Report Annex |
01/02/2012 Report |
Inzake het behoud van de vergunningen voor het gebruik van röntgenstraling voor medische diagnose
Met toepassing van artikel 53.1 van het Koninklijk Besluit van 20 juli 2001, zijn artsen vergund voor het gebruik van röntgenstraling voor medische diagnose, ertoe gehouden hun kennis en bekwaamheid op het gebied van de stralingsbescherming op peil te houden en te vervolmaken, in het kader van een permanente vorming op universitair niveau.
Deze permanente vorming heeft betrekking op de aspecten van stralingsbescherming gerelateerd aan de toepassingen waarbij men gebruik maakt van ioniserende straling (bvb. medische beeldvorming). Meer...
Regelgeving
De regelgeving met betrekking tot de stralingsbescherming in de radiologie evenals de achtergrond ervan zijn samengevat in het Vademecum “Het gebruik van röntgenstralen voor medische doeleinden”.
Deze tekst werd uitgewerkt in samenwerking met het Consilium Radiologicum om de gebruikers van röntgentoestellen voor medisch-diagnostische doeleinden vertrouwd te maken met de reglementaire bepalingen, en is gebaseerd op het Koninklijk Besluit van 20 juli 2001 (ARBIS).
Samenvatting van de reglementaire verplichtingen
Naast de evidentie dat men de algemene regels van de stralingsbescherming dient te kennen toe te passen, zijn er een aantal hoofdzakelijke verplichtingen waaraan een gebruiker van röntgentoestellen dient aan te voldoen.
1. Individuele vergunning voor het gebruik
Een medisch radiodiagnostisch toestel mag enkel gebruikt worden door personen die opgeleid zijn in de stralingsbescherming; op dit ogenblik wordt de naleving van deze voorwaarde geverifieerd via het verlenen van een persoonlijke vergunning. Meer ...
Overeenkomstig de bepalingen van artikel 53 van het ARBIS, is gebruik van medische radiodiagnostische installaties enkel voorbehouden voor de houders van het wettelijk diploma van doctor in de genees-, heel- en verloskunde, of de academische graad van arts. Elke arts-gebruiker moet opgeleid en individueel vergund zijn. Deze vereiste hangt niet af van de frequentie van de onderzoeken: een occasionele gebruiker moet bijgevolg ook over een dergelijke vergunning beschikken. Verdere details over de opleiding in stralingsbescherming, noodzakelijk voor het verkrijgen van deze vergunning, zijn beschreven in artikel 53.3.1 van het ARBIS. Contactgegevens van de coördinatoren van de opleidingen in stralingsbescherming voor medische diagnose zijn te vinden via deze link.
Voor het nemen van radiografische opnamen van patiënten – behalve voor opnamen van ledematen (extremiteiten) – kan enkel de arts die erkend is als houder van een bijzondere beroepstitel van arts-specialist worden vergund.
De artsen die enkel gebruik maken van toestellen voor osteodensitometrie (dubbelenergetische röntgenstralen of DEXA) moeten een diploma, een certificaat of een bekwaamheidsgetuigschrift kunnen voorleggen waaruit blijkt dat ze een specifieke, voor deze toepassing opgezette opleiding in de stralingsbescherming en gebruikte technieken hebben gevolgd van minstens 8 uur, van universitair niveau en specifiek voor deze toepassing, en dat ze met succes een kenniscontrole hebben afgelegd. De artsen die reeds de hoger vermelde opleiding voor medische diagnose hebben gevolgd, dienen deze specifieke opleiding van 8 uur niet bijkomend te volgen.
Alle gebruikers van röntgenstraling zijn ertoe gehouden hun kennis en bekwaamheid op het vlak van stralingsbescherming op peil te houden en verder te ontwikkelen via continue vorming op universitair niveau. Voor permanente vorming kunt u verder klikken naar deze pagina. Om deze permanente bijscholing te kunnen verzekeren worden de huidige vergunningen beperkt in de tijd (10 jaar). De vergunning kan ook beperkt worden tot bepaalde radiologische installaties.
Het formulier Aanvraag van een individuele vergunning
geeft op praktische wijze de stappen aan die moeten worden gevolgd om deze te verkrijgen. Om een vergunning te bekomen dient men een aanvraag in te dienen bij het
Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle
Departement Gezondheid & Leefmilieu
Dienst Bescherming van de Gezondheid, Dosimetrie & Medische Fysica
Ravensteinstraat 36, 1000 Brussel
2. Help(st)ers
Verpleegkundigen, technologen in de medische beeldvorming en gelijkgestelden kunnen radiologische installaties voor medische doeleinden bedienen volgens de instructies en onder het toezicht en de effectieve verantwoordelijkheid van de vergunde arts. Meer ...
De exploitant van de inrichting dient erover te waken dat alle help(st)ers een minimale opleiding in de stralingsbescherming hebben gevolgd die overeenstemt met hun beroepsactiviteiten. Verdere details over deze minimale opleiding zijn beschreven in artikel 53.2 van het ARBIS.
Deze vereiste doet geen afbreuk aan de andere bepalingen van de Geneeskundepraktijk met betrekking tot het statuut van de technologen medische beeldvorming, de verpleegkundigen evenals met betrekking tot de gedelegeerde handelingen. Onafhankelijk van deze opleiding organiseert de exploitant eveneens de informatie van de werknemers die mogelijkerwijze aan ioniserende stralingen kunnen worden blootgesteld, en dit vóór hun aanstelling op hun arbeidsplaats.
Klik hier voor een toelichting bij de toepassing van art. 53.2 van het ARBIS betreffende de bijkomende opleiding in de stralingsbescherming voor "helpers".
3. Oprichtings- en exploitatievergunning van een ingedeelde inrichting
Informatiedossier Vergunnings- en opleveringsproces: radioloog
4. Radiologische uitrusting
Alle toestellen die na 14 juni 1998 op de markt werden gebracht, moeten voorzien zijn van een EG-markering, overeenkomstig het koninklijk besluit van 18 maart 1999. Meer ...
Zowel de typegoedkeuring als de EG-markering, hebben betrekking op het type van toestel of op het systeem als geheel en niet op één of meerdere onderdelen ervan. Toestellen en/of systemen die in gebruik en/of geïnstalleerd zijn (en dus reeds op de markt zijn) moeten niet opnieuw de procedure voor de EG-markering doorlopen wanneer er, ingevolge onderhouds- en/of herstellingswerken, beschadigde onderdelen, hetzij door nieuwe, hetzij door equivalente onderdelen worden vervangen en ze, desgevallend, lichte aanpassingen ondergaan (bv. installatie van een DAP-meter (Dose Area Product-meter)). Deze onderdelen moeten evenwel van een EG-markering voorzien zijn. Bij het opnieuw in gebruik stellen van een toestel dat aangepast werd (waaronder het aanbrengen van een “vaste” DAP-meter) is – net zoals bij een eerste ingebruikname – een “opleveringsverslag” voor het toestel vereist door een erkende deskundige in de medische stralingsfysica.
Op dit ogenblik waarschijnlijk nog 3 categorieën van toestellen in gebruik :
- Radiologische toestellen voor menselijk gebruik die enkel van een goedgekeurd type zijn (periode vóór 14 juni 1993);
- Radiologische toestellen voor menselijk gebruik die een EG-markering hebben en van een goedgekeurd type zijn (periode tussen 14 juni 1993 en 14 juni 1998);
- Radiologische toestellen voor menselijk gebruik die enkel en alleen een EG-markering hebben (periode na 14 juni 1998).
5. Fysische controle
Overeenkomstig de bepalingen van artikel 23 van het ARBIS, is de exploitant van de inrichting verplicht een fysische controle te organiseren om te waken over de naleving van de reglementaire bepalingen op het gebied van de veiligheid en van de gezondheid van de arbeid, de veiligheid en de salubriteit van de buurt. Meer ...
De fysische controle wordt uitgevoerd door deskundigen bevoegd in de fysische controle die erkend zijn door het Agentschap. Het hoofddoel van de fysische controle bestaat in het garanderen van de bescherming van het personeel, de bevolking en het leefmilieu tegen de gevaren van ioniserende straling. De bescherming van de patiënten behoort eerder tot de bevoegdheid van de deskundigen erkend in de medische stralingsfysica.
Indien de inrichting geen eigen dienst voor fysische controle heeft, is deze verplicht om de controle m.b.t. de goede uitvoering van de opdrachten van de interne fysische controle toe te vertrouwen aan een erkende instelling of het filiaal van het FANC.
De minimumfrequentie voor de erkende instelling voor fysische controle of het filiaal van het FANC is in dit geval eenmaal per jaar voor de inrichtingen van klasse III.
Contactgegevens van de erkende instellingen vindt u onder deze link.
6. Medisch toezicht
Werknemers die beroepshalve worden blootgesteld aan ioniserende stralingen, hierin inbegrepen de assistenten en de stagiairs die in het kader van hun beroep of hun studie worden blootgesteld, zijn onderworpen aan een verplicht medisch toezicht. Dit moet worden uitgevoerd door een arbeidsgeneesheer die erkend is voor het medisch toezicht op de personen die beroepshalve aan ioniserende stralingen worden blootgesteld. Meer ...
Het medisch onderzoek omvat, naast de klassieke medische onderzoeken, ook de evaluatie en de interpretatie van de stralingsdosissen, in overleg met de dienst voor fysische controle, die deze werknemers oplopen in normale of in accidentele situaties.
De externe werkers zijn onderworpen aan een gelijkaardig medisch toezicht als dat van de werknemers van de inrichting.
De arbeidsgeneesheer die deze werknemers opvolgt, heeft een specifieke opleiding in de stralingsbescherming doorlopen en dient erkend te zijn door het FANC, overeenkomstig de bepalingen van art. 75 van het ARBIS.
Klik hier voor meer informatie over deze arbeidsgeneesheren.
7. Medische stralingsfysica
De exploitant van de inrichting waarin de radiologische toepassingen voor medische diagnose worden uitgevoerd dient een beroep te doen op een erkende deskundige in de medische stralingsfysica voor het garanderen van de noodzakelijke maatregelen voor de stralingsbescherming van de patiënt en de kwaliteitsbeheersing van de apparatuur in het kader van de optimalisatie. Meer ...
Zo dient vóór het eerste klinisch gebruik, de deskundige in de medische stralingsfysica na te gaan of het röntgentoestel voldoet aan de systeemspecificaties van de fabrikant.
Verder dient deze deskundige jaarlijks na te gaan of elk radiologisch toestel voldoet aan de aanvaardbaarheidscriteria, en staat deze te allen tijde ter beschikking voor de verdere optimalisering van de radiologische procedures en patiëntendosis. Een toelichting van de regelgeving vindt u hier.
Contactgegevens van de erkende deskundigen in de medische stralingsfysica vindt u onder deze link.
8. Informatie & vorming
De exploitant van een inrichting waarin ioniserende straling wordt aangewend dient al zijn werknemers die mogelijk blootgesteld worden aan ioniserende stralingen degelijk te informeren en op te leiden. Meer ...
De informatie moet hen toestaan de risico's te begrijpen, te weten op welke wijze men er zich in het algemeen tegen kan beschermen en ook de specifieke veiligheidsvoorschriften te kennen. Daarnaast is uiteraard ook specifieke informatie en vorming nodig met betrekking tot de installatie, de toestellen en werkposten.
Deze informatie moet hun verstrekt worden voordat zij een eerste maal worden tewerkgesteld en moet minstens eenmaal per jaar worden herhaald tijdens de diensturen, waarbij de informatie ook schriftelijk ter beschikking van de betrokken werknemers dient te worden gesteld.
Daarenboven dient er bijzondere aandacht worden besteed aan de informatie van vrouwen. Deze dienen gesensibiliseerd worden voor het risico van ioniserende straling voor het embryo en de foetus en dus voor de noodzaak van een zo snel mogelijke aangifte van de zwangerschap.
Waar in medische inrichtingen een risico op blootstelling aan ioniserende straling bestaat, zijn deze verplichtingen niet enkel van toepassing op de verpleegkundigen en het paramedisch personeel, maar ook op het administratief en technisch personeel, onder meer diegenen die deel uitmaken van de onderhoudsploegen.
Deze informatie moet hun verstrekt worden voordat zij een eerste maal worden tewerkgesteld en moet minstens eenmaal per jaar worden herhaald tijdens de diensturen, waarbij de informatie ook schriftelijk ter beschikking van de betrokken werknemers dient te worden gesteld.
9. Dosimetrisch toezicht
De exploitant van een inrichting waarin ioniserende straling wordt aangewend is er toe gehouden alle beroepshalve blootgestelde personen op zijn kosten dosimetrisch te laten opvolgen: niet enkel de werknemers, maar ook de zelfstandigen. Meer ...
In de praktijk gebeurt dit door een dosismeter van een erkend type (bv. filmbadge dosismeter of een thermoluminescentie dosismeter (TLD)) te dragen op borsthoogte. Bij gebruik van een loodschort wordt deze dosismeter onder de schort gedragen.
Wanneer het risico bestaat om 3/10 van één van de dosislimieten te overschrijden, zullen één of meerdere bijkomende dosismeters worden gebruikt. Afhankelijk van de specifieke risico's (ganse lichaam, overmatige blootstelling van de handen, risico op cataract, ...) waarbij gewerkt wordt, zal de arbeidsgeneesheer in overleg met de dienst voor fysische controle (in de praktijk dus meestal de erkende instelling) de eventuele noodzaak tot het gebruik van bijkomende dosismeters bepalen (dosismeter aan de vingers of de pols, tweede dosismeter boven de loodschort, ...).
Patiëntendosimetrie
Alle toegediende doses dienen zo laag als redelijkerwijs mogelijk te zijn in relatie met de gewenste diagnostische informatie dat men wil bekomen (ALARA principe).
De meest gepaste diagnostische referentieniveaus dienen gebruikt te worden in het kader van kwaliteitsbewaking. Teneinde een vergelijking toe te laten met deze diagnostische referentieniveaus, is de exploitant ertoe gehouden om de gemiddelde patiëntdosis te bepalen.
De richtlijnen van het FANC in verband met de patiëntendosimetrie in het algemeen, en in het bijzonder wat betreft de frequentie, de procedures en de types van onderzoek waarvoor regelmatig dosisstudies uitgevoerd moeten worden, zijn beschreven op de webpagina patiëntendosimetrie.
In navolging van de ronde tafelconferenties Radiologie van 20 januari en 26 juni 2010 werden de registratieformulieren gewijzigd. Deze nieuwe registratieformulieren kunt u hieronder vinden:
Procedurebeschrijving
Overeenkomstig artikel 51.4 van het ARBIS dienen van elk type handeling of radiologisch onderzoek schriftelijke procedures opgesteld te worden, die door de exploitant ter beschikking gehouden worden.
Beroepshalve blootgestelde personen
Een beroepshalve persoon is iemand die het risico loopt meer dan 1 mSv effectieve dosis per twaalf glijdende maanden te ontvangen. De dienst voor Fysische Controle bepaalt, in samenwerking met de erkende arbeidsgeneesheer, of u al dan niet beroepshalve blootgesteld bent. Let wel: deze dosislimiet is geen dosiskrediet ! Meer ...
Indien men beschouwd wordt als zijnde beroepshalve blootgesteld, is men onderworpen aan zekere reglementaire verplichtingen zoals:
- personeelsdosimetrie (dosimeter) via een erkende dienst voor dosimetrie
- medische toezicht door een erkende arbeidsgeneesheer
- vorming in de stralingsbescherming
Stopzetting van een activiteit
Bijlage 1 : voorschriften voor het verwijderen van röntgenapparatuur
In geval van stopzetting van één of meerdere activiteiten van zijn inrichting, dient de exploitant het FANC hiervan op de hoogte te brengen. Meer ...
Een standaard formulier voor de melding van een stopzetting van een activiteit waarbij gebruik werd gemaakt van röntgentoestellen is gegeven als bijlage 2.
Bij een definitieve stopzetting van de activiteit dienen alle toestellen buiten gebruik gesteld en/of verwijderd te worden. De nieuwe bestemming van de toestellen dient aan het Agentschap kenbaar te worden gemaakt (zie bijlage 3).
Teneinde U een officiële stopzettingsverklaring te kunnen afleveren waarin de betreffende exploitatie-vergunningen voor uw ingedeelde inrichting worden opgeheven, dienen de volgende documenten aan het Agentschap overgemaakt te worden :
- het formulier betreffende de melding van stopzetting van activiteit (bijlage 2)
- het formulier betreffende de verwijdering van de röntgentoestellen (bijlage 3)
De bekomen informatie zal het FANC toelaten uw gegevens te verwijderen uit het bestand van de ingedeelde inrichtingen die onderworpen zijn aan de van toepassing zijnde bepalingen van het KB van 20 juli 2001 houdende algemeen reglement op de bescherming van de bevolking, van de werknemers en het leefmilieu tegen het gevaar van de ioniserende stralingen en die daarvoor jaarlijks een heffing dienen te betalen. Omwille hiervan, is het absoluut noodzakelijk dat het Agentschap beschikt over alle gevraagde informatie.
In het geval dat de toestellen worden overgenomen door een andere exploitant, dient het Agentschap hiervan op de hoogte gebracht te worden, met de vermelding van de gegevens van de nieuwe exploitant. Dit kan opnieuw gebeuren aan de hand van bijlage 2.
De nieuwe exploitant dient op zijn beurt het Agentschap op de hoogte te stellen van de overdracht en van de eventuele wijzigingen van de installaties, in toepassing van artikelen 5.4, 8 en 12 van het ARBIS (aangifteformulieren zijn beschikbaar op aanvraag).
Image Gently – beeldvorming van kinderen
In 2008 lanceerde de alliantie voor stralingsbescherming in pediatrische beeldvorming de Image Gently Campaign. Met dit initiatief trachtte zij de actoren binnen de pediatrische beeldvorming te sensibiliseren over het belang van stralingsdoses bij de beeldvorming van kinderen. Ook het FANC tracht haar volle steun te geven voor initiatieven zoals deze. Op 9 februari 2011 is het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle dan ook toegetreden tot de Alliance for Radiation Safety in Pediatric Imaging, en helpt ze mee om de informatie tot bij de Belgische eindgebruikers te krijgen. Zo worden diverse brochures vertaald en zal men in ons land de diverse actoren binnen de pediatrische radiologie trachten te sensibiliseren over het belang van de stralingsbescherming van kinderen.
| Documenten |
| Laatste update |
|---|
| 25/04/2012 - 15:06 |


Terug naar boven

